Korte impressie van het West Afrikaanse land Gambia:
Gambia, ook wel "The Smiling Coast" genoemd, is een land gelegen aan de westkust van Afrika aan de Atlantische Oceaan en behoort tot de armste landen van Afrika. De hoofdstad van Gambia is Banjul met 55.000 inwoners. De totale oppervlakte van het land is 11.300 km2. Gambia telt 1.300.000 inwoners, ligt in de subtropen en wordt aan drie kanten door het land Senegal ingesloten. De gemiddelde temperatuur in Gambia is 27 graden. De munteenheid is de dalasis. (december 2009: 100 dalasis = €2,50). De belangrijkste talen zijn: Madinka, Woloff en Fula. De officiële taal is Engels. Het totale wegennet bedraagt 2800 km waarvan ca. 1000 km verhardt. Van oost naar west is Gambia 320 km lang en van noord naar zuid varieert dit van 35 tot ca. 70 km. Het hoogste punt in Gambia is ca. 40 meter en dwars door het land slingert als een soort slang de Gambia rivier. Gambia is een veilig land, men is er zeer vriendelijk en men kent er weinig criminaliteit. 90% van de bevolking behoort tot de islam en 10% is rooms-katholiek of behoort tot de anglicaanse kerk. De mensen leven in goede harmonie samen. Er wordt niet echt honger geleden vanwege de vruchtbare bodem en de visrijke wateren, maar geld voor o.a. scholing is er niet of nauwelijks.

Entertainment op het strand van Sanyang
Gambia - een stukje geschiedenis
Gambia maakte ooit deel uit van het Ghanese Rijk. De eerste schriftelijke bronnen zijn verslagen van Arabische handelaren uit de 9e en 10e eeuw. De Arabieren haalden slaven, goud en ivoor uit het gebied via een handelsroute door de Sahara. In de 15e eeuw namen de Portugezen deze handel over via zeeroutes. Gambia maakte toen deel uit van het Koninkrijk Mali. In 1588 verkocht de Portugese troonpretendent Antonio Pior Do Crato de exclusieve handelsrechten op de Gambia-rivier aan de Engelsen. Koning Jacobus 1 van Engeland gaf in 1618 handelsrechten in Gambia en Goudkust aan een Brits bedrijf. Aan het eind van de 17e eeuw en gedurende de 18e eeuw streden Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk om de macht in Senegal en Gambia. Bij de Vrede van Versailles in 1783 ging het gebied naar het Verenigd Koninkrijk. Frankrijk behield een kleine enclave die in 1857 alsnog werd overgedragen. In 1889 werd overeenstemming bereikt over de grenzen. Gambia werd een Britse Kroonkolonie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht Gambia mee in Birma. In de hoofdstad Banjul maakte het “Air Corps” van het Amerikaanse leger tussenlandingen en de haven werd gebruikt als tussenstop voor convooien. In 1962 werden algemene verkiezingen gehouden. Gambia kreeg zelfbestuur in 1963 en werd op 18 februari 1965 onafhankelijk. Het bleef lid van het Britse Commonwealth of Nations en was een costitutionele monarchie met de Britse koningin als staatshoofd. Korte tijd later stelde de regering voor Gambia om te vormen tot republiek. Het voorstel haalde niet de vereiste tweederde meerderheid. Op 24 april 1970 werd Gambia na een referendum alsnog een republiek. Gambia werd geleid door president Sir Dawda Kairaba Jawara, die vijfmaal werd herkozen. Een coup in 1981 door Kukoi Samba Sanyang werd na een week neergeslagen met behulp van Senegal. De twee landen vormden in 1982 de confederatie Senegambia, gericht op het samensmelten van beide legers, de economie en de munteenheid. In 1989 stapte Gambia uit de confederatie.

Landkaart van Gambia (The Smiling Coast)
In juli 1994 volgde een nieuwe coup. De democratisch gekozen regering van Dawda Kairaba Jawara werd afgezet. Er kwam een voorlopig militair bewind onder leiding van luitenant Yahya Jammeh. Het militaire bewind kondigde een terugkeer naar de democratie aan. In 1996 werd een commissie ingesteld die verkiezingen moest voorbereiden. Yahya Jammeh, inmiddels opgeklommen tot kolonel, werd op 6 november 1996 ingezworen als president. Op 18 oktober 2001 werd hij herkozen voor een termijn van vijf jaar. In 1998 en 1999 bezette gambia een niet-permanente zetel in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.
Slavernij
Gedurende de periode van de transatlantische slavenhandel werden 3 miljoen mensen uit de regio als slaaf naar Amerika gebracht. Hoeveel slaven door de Arabieren zijn verhandeld via de route door de Sahara is onbekend. De slaven werden door Afrikanen aan Europeanen verkocht. Sommigen waren gevangen genomen in stammen oorlogen, anderen werden verkocht wegens schulden, of waren ontvoerd. Aanvankelijk kwamen de slaven in Europa terecht als bedienden. Later werden ze naar Amerika vervoerd. In 1807 werd de slavenhandel door de Britten afgeschaft. Zij probeerden ook een eind te maken aan de slavenhandel in Gambia zelf, aanvankelijk tevergeefs. De slavernij werd pas in 1906 afgeschaft.
Geografie
Lengte landgrenzen: 740 kilometer met Senegal. Kustlijn: 80 kilometer. Grootste rivier: Gambia-rivier. Laagste punt: 0 meter. Hoogste punt: 53 meter. Hoofdstad: Banjul. Ons project in Siffoe ligt in het zuiden van Gambia.

Markt in Serrekunda
Economie
Gambia heeft geen minerale-, of ander natuurlijke rijkdommen. Vijfenzeventig procent van de bevolking leeft van landbouw en veeteelt. Daarnaast is er wat kleine industrie, hoofdzakelijk het verwerken van pinda's, vis en huiden. Werkloosheidspercentage is hoog. Het toerisme neemt snel in belang toe. Naast toeristen die voor zon, zee en seks komen, reizen vogelaars naar Gambia en verder Amerikanen die afstammen van Afrikaanse slaven en die hier hun afkomst komen zoeken.
Staatsinrichting
Gambia is een republiek met aan het hoofd een president. Het eerste staatshoofd was Koningin Elizabeth 2 zij regeerde van 1965 - 1970. Zij werd opgevolgd door Sir Dawda Kairaba Jawara (1970 - 1994) en vervolgens nam, tot op heden toe, Yahja Abdul-Azziz Jemus Junkung Jammeh de leiding van Gambia over.