|
Klimaat De temperatuur in Gambia is tamelijk constant. Het heeft een subtropisch klimaat met een duidelijk verschil tussen het droge en natte seizoen. Gedurende de regentijd vallen de soms hevige regenbuien meerendeels in de middag en avond. Vanaf december tot en met april schijnt de zon vrijwel onafgebroken. Voor een verblijf aan de kust behoeft men zich van het regenseizoen weinig aan te trekken. De nachttemperaturen blijven aan de zeekant veelal hoger en naarmate wat dieper landinwaarts worden deze lager. Er kunnen, afhankelijk van het seizoen, grote verschillen optreden in de dagtemperaturen tussen de kuststrook en de landinwaarts gelegen gebieden. De gemiddelde temperatuur over het jaar ligt rond 32 graden overdag en de laagste temperatuur ligt gemiddeld rond de 20 graden. Flora en Fauna Gambia ligt in de subtropen. dat betekent dat er letterlijk van alles bloeit en groeit. Er is een grote verscheidenheid aan vegetatie. Naast de palmbomen treft u ook veel de kokospalmboom aan. Verder kan men in het gehele land de mangoboom alsmede de enorme katoen- of kapokzijde boom aantreffen. De meest aansprekende boom is toch wel de baobab- of apebroodboom. Langs de Gambia rivier groeien tot ver landinwaarts verschillende gewassen. De meest besproken begroeiingen zijn toch wel de mangrovebossen met de mangrovemoerassen (in het water gewortelde bomen) welke uitstekende plaatsen bieden voor vele vogelsoorten en apen. Een opvallend en veel voorkomende grassoort is het olifantengras. Dit is een zeer hoge grassoort dat als onkruid overal tevoorschijn komt waar het liever niet behoort te zijn. Een ware plaag voor elke boer. Ook vind men er alle soorten bamboe in Gambia welke een delicatesse zijn voor vele diersoorten. Bloemen en planten zijn er volop in Gambia. Zeer opmerkelijk zijn de vaak felle kleuren welke een ware lust voor het oog zijn. Een gewas dat zeker vermeldingswaardig is, is de kinineplant waaraan ook geneeskrachtige werking wordt toegeschreven. De plant onderscheidt zich vanwege het feit dat de takken worden gebruikt om op te kauwen. Men gebruikt het ook om het gebit te reinigenen om tegen verschillende ziekten te beschermen. Gambia is een land voor vogelliefhebbers. Overal kom je er de meest exotische vogelsoorten tegen. Tot op heden heeft men zo'n 530 soorten vogels geteld. Voor groot wild moet men naar de nationale parken. Giraffen, olifanten, antilopen en buffelsoorten zijn door de mens verdreven of uitgeroeid. Ver landinwaarts is het mogelijk langs de Gambia rivier nog een nijlpaard of krokodil tegen te komen. Aan apen daarentegen is geen gebrek. Overal in het land bevinden zich diverse apesoorten zowel in de bossen, bij kreken of langs de weg. Het overige wild moet u laag bij de grond zoeken zoals slangen, kikkers en vele vissoorten. Er kunnen in de monding van de Gambia rivier zelfs dolfijnen worden gespot. Gambia - een stukje geschiedenis Gambia maakte ooit deel uit van het Ghanese Rijk. De eerste schriftelijke bronnen zijn verslagen van Arabische handelaren uit de 9e en 10e eeuw. De Arabieren haalden slaven, goud en ivoor uit het gebied via een handelsroute door de Sahara. In de 15e eeuw namen de Portugezen deze handel over via zeeroutes. Gambia maakte toen deel uit van het Koninkrijk Mali. In 1588 verkocht de Portugese troonpretendent Antonio Pior Do Crato de exclusieve handelsrechten op de Gambia-rivier aan de Engelsen. Koning Jacobus 1 van Engeland gaf in 1618 de handelsrechten in Gambia en Goudkust aan een Brits bedrijf. Aan het eind van de 17e eeuw en gedurende de 18e eeuw streden Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk om de macht in Senegal en Gambia. Bij de Vrede van Versailles in 1783 ging het gebied naar het Verenigd Koninkrijk. Frankrijk behield een kleine enclave die in 1857 alsnog werd overgedragen. In 1889 werd overeenstemming bereikt over de grenzen. Gambia werd een Britse kroonkolonie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht Gambia mee in Birma. In de hoofdstad Banjul maakte het “Air Corps” van het Amerikaanse leger tussenlandingen en de haven werd gebruikt als tussenstop voor convooien. In 1962 werden algemene verkiezingen gehouden. Gambia kreeg zelfbestuur in 1963 en werd op 18 februari 1965 onafhankelijk. Het bleef lid van het Britse Commonwealth of Nations en was een costitutionele monarchie met de Britse koningin als staatshoofd. Korte tijd later stelde de regering voor Gambia om te vormen tot republiek. Het voorstel haalde niet de vereiste tweederde meerderheid. Op 24 april 1970 werd Gambia na een referendum alsnog een republiek. Gambia werd geleid door president Sir Dawda Kairaba Jawara, die vijfmaal werd herkozen. Een coup in 1981 door Kukoi Samba Sanyang werd na een week neergeslagen met behulp van Senegal. De twee landen vormden in 1982 de confederatie Senegambia, gericht op het samensmelten van beide legers, de economie en de munteenheid. In 1989 stapte Gambia uit de confederatie. Slavernij Gedurende de periode van de transatlantische slavenhandel werden 3 miljoen mensen uit de regio als slaaf naar Amerika gebracht. Hoeveel slaven door de Arabieren zijn vehandeld via de route door de Sahara is onbekend. De slaven werden door Afrikaneb aan Europianen verkocht. Sommigen waren gevangen genomen in stammenoorlogen, anderen werden verkocht wegens schulden, of waren ontvoerd. Aanvankelijk kwamen de slaven in Europa terecht als bedienden. Later werden ze naar Amerika vervoerd. In 1807 werd de slavenhandel door de Britten afgeschaft. Zij probeerden ook een eind te maken aan de slavenhandel in Gambia zelf, aanvankelijk tevergeefs. De slavernij werd pas in 1906 afgeschaft. Economie markt in Serekunda vissersvrouw uit Ghanatown Gambia heeft geen minerale- of andere natuurlijke rijkdommen. Vijfenzeventig procent van de bevolking leeft van landbouw en veeteelt. Daarnaast is er wat kleine industrie, hoofdzakelijk het verwerken van pinda's, vis en huiden. Het werkloosheidpercentage is hoog. Het toerisme neemt snel in belang toe. Naast toeristen die voor zon, zee en seks komen, reizen vogelaars naar Gambia en verder Amerikanen die afstammem van Afrikaanse slaven en die er hun afkomst komen zoeken. Helaas wordt het land de laatste jaren ook steeds meer geteisterd door de drugshandel.
Geografie Lengte landgrenzen: 740 km met Senegal. Kustlijn: 80 km. Grootste rivier: Gambia-river. Laagste punt: 0 meter. hoogste punt: 46 meter. Hoofdstad: Banjul. Ons project in Siffoe ligt in het zuid-westen van Gambia en telt +/- 10.000 inwoners (2012). Staatsinrichting
Gambia ie een republiek met aan het hoofd een president. Het eerste staatshoofd was Koningin Elizabeth 2. Zij regeerde van 1965 - 1970. Zij werd opgevolgd door Sir Dawda Kaiaba Jawara (1970 - 1994) en vervolgens nam, tot op heden toe, Yahja Abdul-Azziz Jemus Junkung Jammeh de leiding over Gambia over. Steunt u ons doel? Uw donatie kan gestort worden op een speciaal geopende rekening bij de Rabobank Duiven: 1040.76.062 t.n.v. W.P.M. Möller e.o. G.L. Möller-Koeman, o.v.v. Humanitaire hulp Siffoeproject Alle giften, groot of klein, zijn van harte welkom.
|